Blog:

Wat moeten uitgevers met civiele journalistiek?

door Marco Derksen op

Wat moeten uitgevers met civiele journalistiek?

In Hoe nieuw is nieuws? spraken we over de opkomst van de civiele journalistiek, die door de gevestigde orde met argusogen wordt bekeken en bekritiseerd. Het zou de civiele journalistiek ontbreken aan context en professionaliteit, zo is de mening van het vak. Toch kan niet worden ontkend dat de houdbaarheidsdatum van 'nieuws' steeds beperkter wordt door weblogs, RSS en de vele forums op internet. Cruciale vraag: wat moet de uitgever ermee?

[b]Weblogs: Bedreiging of mogelijkheid?[/b]
De papieren pers weet zich op de een of andere manier (nog) geen raad met de snelle opkomst van ‘blogs’ en aanverwante artikelen zoals civiele online journalistiek. De concurrentie die zich opdringt speelt zich eigenlijk op twee terreinen af. Allereerst is dat de nieuwsgaring, dat voorheen het domein van journalisten en de gevestigde media was. Weblogs worden steeds professioneler en groter in aantal. Dat betekent dat op steeds meer plaatsen (nieuws-) feiten te vinden zijn. Geenstijl.nl, een blog met gemiddeld zo’n 60.000 lezers per dag, heeft regelmatig primeurs en haalt niet zelden de landelijke pers of televisie met de berichtgeving op de site.

Het tweede concurrentieveld is distributie. De weblogs verspreiden hun nieuws en informatie razendsnel via RSS-feeds. Nog voordat een nieuwsfeit in een traditioneel medium terechtkomt, is het al uitgebreid besproken en bediscussieerd op een of meerdere weblogs.

De geschetste ontwikkelingen vormen een bedreiging voor de core business van menig uitgever, dat is wel duidelijk, maar wat kun je er aan doen? Het Franse Le Monde stelde zich die vraag ook en maakte ervan: wat kun je er mee doen?

De krant geeft de lezers sinds december 2004 de mogelijkheid een eigen weblog te starten, binnen het domein van Le Monde. Een groot succes. Binnen enkele weken had Le Monde enkele honderden weblogs. Dagelijks geeft de krant een top 10 van de meest gelezen blogs en na twee dagen stonden er al vier civiele blogs in die top 10. De bloggers betalen zes euro voor een abonnement van twee maanden, of zestig euro voor een abonnement van een jaar. Daarbij krijgt de hij of zij automatisch een internetabonnement op de krant.

In Belgie spreekt De Standaard tot de verbeelding. De online editie – de meest gelezen nieuwssite van Vlaanderen met 60.000 bezoekers per dag – heeft een eigen weblog waar lezers hun commentaren en nieuwsfeiten in 21 categorieen kwijt kunnen. De Standaard betrekt de lezers op een actieve manier bij de krant en dus het nieuws.

In Nederland doet NRC Handelsblad sinds kort een eerste poging om deel te nemen aan de ‘blogosphere’. De krant opende drie weblogs (internet, Amerika en Haagse politiek), maar het ontbreekt de weblogs aan essentials voor een succesvolle operatie. De interactie met de lezers is uiterst beperkt. Alleen via e-mail. Of er uberhaupt reacties binnenkomen is niet te zien. Ook is het niet mogelijk direct te linken naar de verschillende artikelen en een RSS-feed hebben we vooralsnog niet kunnen ontdekken. De weblogs hebben door deze tekortkomingen een erg eenzijdig karakter in termen van interactie.

Een andere lokale variant vinden we in Limburg, waar het Limburgs Dagbladen de weblog GMS Buurt opende. Deze weblog is opgezet voor een buurt in Heerlen (de GMS Buurt) en laat bewoners en instanties van die buurt met elkaar discussirren over tal van onderwerpen die spelen in die buurt. GMS Buurt is een project dat is gestart met een subsidie van 48.500 euro van het Bedrijfsfonds voor de Pers.

Dergelijke voorbeelden, maar dan veel verder in ontwikkeling, vinden we in Amerika, waar onder het motto ‘on local sites, everyone’s a journalist’ steeds meer burgers bijdragen aan de lokale nieuwsvoorziening. De ’town-blogs’ zijn daar een goed voorbeeld van. Bij wijze van experiment startte de Bakersfield Californian, een dagblad met een oplage van 65.000 exemplaren in de stad Bakersfield, een community-site met de naam Northwest Voice. De site heeft geen betaalde reporters in dienst – de meeste berichten komen van lezers – alleen een eindredacteur. Opmerkelijk is dat elke twee weken gratis een printversie onder 22.000 huishoudens wordt verspreid met de meest opvallende berichten van de afgelopen periode. Die van 3 maart jl. telde maar liefst 32 pagina’s.

De online lezers van Northwest Voice bepalen dus voor een groot deel zelf de content van de site en de papieren uitgave. In Chili gaan ze daar nog een stap verder in. De Las Ultimas Noticias (het laatste nieuws) bepaalt via het klikgedrag van vandaag de inhoud van de papieren krant van morgen. Op termijn moet daar zelfs het salaris van de journalist aan gekoppeld worden.

Zover zal het in Nederland nog niet komen, maar ook de nieuwe secretaris Nineke van Dalen van het Nederlands Uitgeversverbond ziet dat de invloed van weblogs en RSS in opkomst is. Een citaat uit Reclameweek 3, 2005:

“Ik vind weblogs bijvoorbeeld waanzinnig interessant. Daar staat professionele informatie op van vakjournalisten en eindgebruikers helpen mee aan die informatiestroom. Ik denk dat dit steeds meer rond tijdschriften zal worden toegepast. Ik denk ook dat de RSS-feeds de komende jaren een vlucht nemen voor zover de meeste tijdschriften dat al niet hebben. Dit zal zeker het karakter van de printuitgave beinvloeden.”

[b]Nieuwsverspreiding via RSS[/b]
RSS-feeds worden veelvuldig toegepast door weblogs en community-sites, maar ook dagbladen en tijdschriften worden op de online edities steeds meer uitgerust met deze techniek. Op dit moment biedt een op de vijf Nederlandse dagbladen een RSS-feed aan op de site. Via zo’n feed kunnen ‘abonnees’ van die feed continue op de hoogte blijven van het nieuws dat gepubliceerd wordt op de site.

Naarmate de feeds meer gediversifieerd zijn, kunnen abonnees van die feeds verfijnder hun informatie tot zich laten komen. Elsevier.nl had dat goed door toen het in november 2004 startte met de elektronische versie van het succesvolle opinieblad. Het kwam met dertien verschillende RSS-feeds naar onderwerp, zoals de homepage, Nederland, politiek, Europa, buitenland en cultuur & televisie. Ook andere sites en online dagbladen beginnen steeds meer onderwerp gerelateerde RSS-feeds aan te bieden. Op die manier wordt het dus mogelijk om zelf dagelijks een compleet nieuwsbulletin samen te stellen, waarbij de gebruiker zelf de bronnen kan selecteren. Soms is dat een weblog, de andere keer is dat een meer gevestigde bron zoals een dagblad of opinieblad.

[b]Weblogs en RSS: Negeren is geen optie[/b]
De effecten van weblogs en RSS op de core-business van de traditionele uitgevers is nog maar moeilijk in te schatten. Maar dat de activiteiten rond blogs en RSS van gevestigde titels, zoals hierboven genoemd, toenemen is wel duidelijk. Het inzicht ontstaat dat het negeren van de geschetste ontwikkelingen op langere termijn knaagt aan de marktpositie, zowel offline als online. Het aanbieden van moderne online technieken bindt lezers en gebruikers, het maakt ze interactiever en loyaler. Bovendien zorgen die technieken voor extra bezoekers op de site, die voorheen veel minder frequent of zelfs helemaal niet op de betreffende site zouden zijn geweest.

En met de introductie van Microsoft’s Internet Explorer 7.0 over een paar maanden zou de ontwikkeling wel eens in een stroomversnelling kunnen komen. De geruchten vertellen ons dat Microsoft een RSS-reader in de browser integreert. Daarmee krijgt RSS de kans om door te breken tot het grote publiek.

De vraag tot slot is, blijft dat allemaal gratis en hoe kunnen uitgevers verdienen aan civiele journalistiek en het exploiteren van RSS-feeds. Le Monde is daar duidelijk in: de weblogger moet betalen voor een blog en krijgt daar een online abonnement van de krant bij. Zes euro voor twee maanden en zestig euro voor een jaar. Wall Street Journal was vanaf het begin al heel strikt in het online consumptiebeleid: eerst betalen, dan lezen. In Nederland zijn de kranten wat soepeler. Veelal is aanmelden voldoende voor her en der wat lezen en abonnees hebben altijd toegang tot de hele online krant. Een aardige variant is het PDF-abonnement van De Volkskrant, dat lezers in staat stelt om op werkdagen de krant integraal als PDF-bestand te lezen en alleen op zaterdag een papieren versie te ontvangen.

De RSS-feeds zijn vooralsnog gratis, maar het is niet ondenkbaar dat daar verandering in gaat komen. Een model waarbij de gebruiker gratis attent gemaakt wordt op een nieuwsbericht en vervolgens moet gaan betalen om dat te lezen zou tot de mogelijkheden kunnen behoren. Een voorwaarde is dan wel dat een goed functionerend betaalsysteem wordt geintegreerd in de RSS-reader en dat de prijs voor een artikel aanvaardbaar is. Varianten van dergelijke betaalde RSS-diensten kunnen zijn dan voor general interest weinig tot niets wordt betaald, maar naarmate onderwerpen specifieker worden de prijs omhoog gaat.

Een alternatief, is het meezenden van commerciele boodschappen in de RSS-feeds. Daar wordt nu al mee geexperimenteerd, maar de resultaten zijn niet veelbelovend. Feedster.com, een van de grootste RSS-zoekmachines in Amerika, laat de gebruikers zelf beslissen: of een betaalde en reclamevrije toegang tot de feeds, of gratis toegang maar dan met reclame. Een model dat zeker verdere studie verdient.

Dit artikel is geschreven door Peter Wiegman en ondergetekende en gepubliceerd in Media Facts, April 2005, Nr. 2.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Marco Derksen is onderdeel van

Laatste blogs

Bekijk alle blogs (1415)
Contact