Hoe bepaal je de strategie van een succesvolle netwerkorganisatie?
Marco Derksen - vrijdag 11 februari 2011, 19.04 uur 

In het voorjaar van 2010 heb ik samen met Lucien Engelen en Corine Jansen van het UMC St Radboud gewerkt aan een model waarin de veranderende relatie tussen instituten en individuen onder invloed van digitale media wordt weergegeven. In dit model komen we vanuit het 1.0-tijdperk waarbij instituten hun boodschap via traditionele media uitdragen naar hun doelgroep (zenden) en waarbij de macht ligt bij de instituten. In het 2.0-tijdperk krijgen individuen steeds meer mogelijkheden om hun eigen boodschap te delen met hun omgeving (dialoog) waardoor de invloed van het individue toeneemt. In onze visie leidt dat tot het 3.0-tijdperk waarbij de hierarchische verhouding tussen instituten en individuen verdwijnt en waarbij steeds meer op gelijkwaardige basis wordt samengewerkt in netwerken. Sociale media en andere technologische ontwikkelingen dragen er toe bij dat die samenwerking steeds slimmer en beter verloopt. Dit model (wie bedenkt een goede naam?) is inmiddels ook opgenomen in het boek Society 3.0 van Ronald van der Hoff dat binnenkort verschijnt.
Grote vraag is uiteraard hoe instituten zich moeten herorganiseren om mee te kunnen vanuit het 1.0-tijdperk naar het 3.0-tijdperk. Oftewel, hoe bepaal je de strategie om je organisatie te transformeren naar een succesvolle netwerkorganisatie? Samen met Rachelle van der Linden heb ik daarvoor het 7i-netwerkmodel (concept) ontwikkeld:
Het 7i-netwerkmodel (geinspireerd door het 7S-model van McKinsey) kijkt naar zeven kritische aspecten van een organisatie om een succesvolle netwerkorganisatie te zijn: identity, internal stage, insights & knowledge, innovation, inspiring network, interaction en instruments. Uiteraard gaat het daarbij niet alleen om de individuele aspecten maar ook om de samenhang tussen deze aspecten en de omgeving.
Op welke schaal (van 1.0 tot 3.0) staat de organisatie nu, wat is de gewenste situatie en welke stappen moet de organisatie ondernemen om daar te komen? Voor al deze aspecten hebben we een aantal vragen opgesteld die inzicht geven in de actuele situatie van de organisatie op basis waarvan ook concrete stappen kunnen worden geformuleerd.
1. Identity
- Is het duidelijk ‘waarom op aarde’?
- Is het duidelijk waarom je succesvol bent?
- Operational excellence (basis), product leadership (in samenwerking met klant; next step) en customer intimacy (in de genen)?
- Financieel gezonde organisatie?
- Is business model helder en gefocussed? Kostenstructuur en inkomstenstroom helder en transparant?
- Durf je keuzes te maken in wat je wel/niet gaat doen?
2. Internal stage
- Heb je de juiste mensen in je organisatie met de juiste mentaliteit?
- Wat zijn de drijfveren van de mensen?
- Zijn medewerkers intern in staat om als netwerkorganisatie samen te werken?
- Zijn medewerkers ambassadeurs van je bedrijf? Zijn ze in staat om het merk een gezicht te geven, trots?
- Is er een beloningsstructuur die gericht is op samenwerking en ondernemerschap?
- Ben je als organisatie flexibel en adaptief?
- In welke ‘vernieuwingsfase’ zit de organisatie?
3. Insights & knowledge
- Heb je voldoende inzicht op de ontwikkelingen in de markt (ook buiten de traditionele concurrenten)?
- Heb je voldoende inzicht in drijfveren klanten (om met jou zaken te doen)?
- Heb je voldoende kracht en kennis om deze inzichten te vertalen naar relevante doorontwikkeling van je organisatie?
- Lukt het je om kennis uit de organisatie (medewerkers) maximaal te activeren en in te zetten voor deze doorontwikkeling?
4. Innovation
- Heb je de kracht om te vernieuwen?
- Ben je in staat om van buiten naar binnen te denken en het echt anders te doen?
- Doe je aan open innovatie samen met partners, klanten en experts?
- Ben je bereid om nieuwe business modellen te omarmen/ doorbreken van ‘gevestigde orde’?
- Durf je in plaats van in producten in oplossingen te denken?
5. Inspiring network
- Deel je kennis en ervaringen met klanten, partners en de markt?
- Beschik je over een netwerk van professionals die waarde toevoegen aan je organisatie, klanten en partners?
- Ben je leading authority op deelgebieden en daarmee in staat om netwerk van professionals te inspireren en aan je te binden?
- Ben je in staat om kennis en ervaringen vanuit andere organisaties/branches succesvol te vertalen naar eigen organisatie?
- Heb je het lef om ‘andere experts’ ipv of naast je eigen medewerkers op het podium te hijsen?
6. Interaction
- Is het duidelijk wie je klanten en partners zijn en hoe het contact verloopt? Durf je daarbinnen ook te differentieren?
- Met welke kanalen ben je in contact met je klanten en partners? En doe je dat alleen reactief of ook pro-actief?
- Wat is het vetrouwen van de klant en partner in de organisatie?
- Hoe tevreden zijn de klanten en de partners?
- Ben je in staat ECHTE binding met je klanten te krijgen?
- Ben je in staat om klanten en partners ECHT te betrekken bij (de ontwikkeling) van je organisatie? Durf je ze echt een verlengstuk van je organisatie te laten zijn?
- Zijn je klanten en partners ook ambassadeurs van je merk?
- Durf je de relatie met klanten en partners te verleggen naar anderen?
7. Instruments
- Welke instrumenten heb je om kennis en ervaringen te delen: intern, met je klanten en partners, met de markt?
- Welke instrumenten heb je die een toegevoegde waarde bieden/onderscheidend zij aan/in de markt?
- Zijn de instrumenten open of gesloten?
- Ben je technisch en organisatorisch in staat om andere instrumenten en ontwikkelingen van buitenaf (snel) te adopteren in je eigen model?
- Heb je instrumenten om de status van je organisatie te meten? Of meer specifiek, heb je instrumenten die de status van het 7i-netwerkmodel te meten of kunnen de bestaande instrumenten meegroeien naar het 7i-netwerkmodel?
- Heb je instrumenten om te luisteren en reageren naar je klanten, partners en de markt?
Het 7i-netwerkmodel is nog in concept en we zullen deze de komende periode verder uitwerken en valideren voor een aantal klanten waarvoor we de netwerkstrategie op dit moment aan het uitwerken zijn. Suggesties zijn uiteraard meer dan welkom!






Ik zou je 1.0-2.3.0 model het Real Interaction Model noemen. Het gaat uiteindelijk om hoe je de interactie met je medewerkers, klanten, buitenwereld en ultimo andere bedrijven en merken aangaat. Hoe ver je daarin durft te gaan. Mijn stelling: hoe opener je dat ingaat, hoe succesvoller je bent op den duur. Waarom? omdat je dan als organisatie je belangen echt opzij zet en je in staat bent dienstverlening en oplossingen op de klant heen te bouwen en te mobiliseren. En dat is het ultieme 3.0 model